JUBILEUMVIERING JVI 1960 – HET WAS DE ZEE DIE HEN TROK

Het is een wonder. Dat van die 25 jonge knapen die precies zestig jaar geleden de poort van een internaat aan de Prins Hendrikkade binnenliepen. De meesten met veel bravoure, sommigen schoorvoetend. Ze zouden het wel even gaan maken, dachten ze. Ze werden opgewacht door Tarzan, Erwtje en Mina, doorgewinterde bootslieden, die dat stelletje ongeregeld binnen no-time in een keurslijf persten en hen zonder omhaal duidelijk maakten dat ze nog heel veel moesten leren. Maar de jongens hielden stand, ze maakten er wat van en trotseerden het strenge regime. Lotgenoten werden kameraden. Als mannen zwermden ze uit over de hele wereld, verloren elkaar tijdelijk uit het oog, maar vonden elkaar na vele jaren weer terug.

Onderweg moest een aantal van hen helaas het loodje leggen. De anderen ontmoetten elkaar nog regelmatig, tijdens een reünie of zomaar tussendoor. Dit jaar zou het een feestelijk jaar moeten worden, zestig jaar na dato. Een jubileumjaar, gevierd met alcoholische versnaperingen en voldoende vulling voor de altijd hongerige maag – iets met spekjes of zó …(!) En daarna gezamenlijk uitbuiken. De anderhalvemetersamenleving gooide echter roet in de raasdonders. Wij, het organisatiecomité, hebben het met z’n drieën maar op symbolische wijze gevierd, met het clubvaandel prominent op tafel. Proost en selamat makan.

Corona kan de pest krijgen. We blijven vechten tegen de COVID‑19, een naam die klinkt als van een zeegaande viskotter. We mogen hopen dat die schuit snel zinkt.

Gert Schoppert, Frits Brugmans en Charley Besselink,
Klas 2B, jvi 1960