HET MONUMENT TER HERDENKING VAN IN DE TWEEDE WERELDOORLOG GEVALLEN OUD-KWEKELINGEN

Al vrijwel direct na de bevrijding in mei 1945 gingen binnen de Vereeniging van Oud-Kweekelingen stemmen op voor oprichting van een monument ter herdenking van in de Tweede Wereldoorlog gevallen oud-kwekelingen. Een voorstel hiertoe werd door de ledenvergadering unaniem gedragen, waarop een fonds werd ingesteld ter bekostiging van het monument. Velen gaven gevolg aan het verzoek bij te dragen aan het fonds. Na rijp beraad werd als locatie gekozen voor de binnenplaats van de Kweekschool voor de Zeevaart en werd aan de Amsterdamse beeldhouwer P. Starreveld opdracht verleend het monument te vervaardigen.

Onthullingsplechtigheid
Op 14 mei 1949 werd het monument onder zeer grote belangstelling onthuld. Naar schatting woonden zo’n 800 personen de plechtigheid bij, onder wie vele hoogwaardigheidsbekleders als de Marineadjudant van H.M. de Koningin, de Minister van Marine, de Commissaris van de Koningin en de burgemeester van Amsterdam. Voorzitter S.J. Graaf van Limburg Stirum (jvi 1895) sprak de aanwezigen toe. Hij schetste het proces van initiatief tot totstandkoming van het monument, en getuigde van de grote moed die de gevallen oud-kwekelingen, vaak onder de meest erbarmelijke omstandigheden, hadden getoond. Daarna droeg hij het monument officieel over aan het Vaderlandsch Fonds ter Aanmoediging van ’s Lands Zeedienst. Het monument werd daarop onthuld door de weduwen van de broers J.P. Leguit (jvi 1907) en P.M. Leguit (jvi 1914), beiden op zee gevallen als gezagvoerder bij de Stoomvaart Maatschappij Nederland. Ten slotte werden vele kransen en bloemstukken gelegd en werd de plechtigheid met een defilé afgesloten.

In Memoriam
Later dat jaar werd het boekwerkje In Memoriam uitgegeven, samengesteld door voorzitter Van Limburg Stirum. Daarin was een uitgebreide beschrijving van het monument – inclusief de namenlijst en een korte beschrijving van de 138 op het monument genoemde oud-kwekelingen – en een verslag van de onthullingsplechtigheid opgenomen.
In 1982 raakte W.A. Hage (jvi 1937) in bijzondere mate geïnteresseerd in het monument en hij kreeg toestemming en steun van het bestuur tot het doen van een bronnenonderzoek, gericht op mogelijke correcties en aanvullingen. Zijn activiteiten leidden ertoe dat in januari 1988 een herziene versie van In Memoriam kon worden uitgebracht. In deze herziene versie werden onder meer correcties en aanvullingen verwerkt die in de loop der jaren naar voren kwamen. De naspeuringen van Hage leidden ertoe dat in de periode tot 1995 alsnog vier namen van gevallen oud-kwekelingen in het monument konden worden gebeiteld.

Verplaatsing monument; verdere aanvullingen
Na de sluiting van de Kweekschool voor de Zeevaart in 2000 werd het monument overgebracht naar het nabijgelegen Marineterrein Amsterdam, het kreeg daar een plaats aan de Voorwerf. In de periode daarna bood de ontwikkeling van het internet nieuwe mogelijkheden om de juistheid en volledigheid van de lijst van gevallen oud-kwekelingen te onderzoeken. Zo kwamen de officiële Erelijst van Gevallenen 1940-1945 en de database van de Oorlogsgravenstichting online beschikbaar. Verder zorgde het Stadsarchief Amsterdam voor digitalisering en de mogelijkheid van online raadpleging van de comportementboeken, registers waarin sinds 1785 de kwekelingen werden ingeschreven. In hun samenhang boden deze online bronnen onderzoeksmogelijkheden waarover eerder niet kon worden beschikt. In de periode 2015-2019 leverde dit onderzoek liefst 17 nieuwe namen op, waarop werd besloten deze alsnog op het monument aan te brengen. Een volledige lijst van de nu 159 op het monument vermelde namen vindt u hier.

Jaarlijkse herdenkingsplechtigheid
Tijdens de jaarlijkse VOK-reünie in december vindt traditioneel een herdenking van de tijdens de Tweede Wereldoorlog gevallen oud-kwekelingen plaats. Daarbij worden namens het Vaderlandsch Fonds en namens de Vereeniging van Oud-Kweekelingen kransen bij het monument gelegd.